Popsterren als lord of the manor

Het huidige Kenwood. Foto: makelaardij Knight Frank

De dagen dat popsterren grote huizen op het Britse platteland bezaten zijn voorbij. Buitenverblijven met twintig of meer kamers trekken nu andere bewoners.

Talloze kamers om in rond te dolen, een bibliotheek, een wijnkelder – grote huizen op het platteland spreken tot de verbeelding. Dat geldt ook voor John Lennon. In 1964 koopt hij het 22 kamers tellende ‘Kenwood’ op het privé-landgoed St. George’s Hill in Surrey. Volgens de Britse krant FT Weekend zet het toenmalige Beatles-lid hiermee de toon voor andere rocksterren.

In een alleraardigst artikel kijkt Ludovic Hunter-Tilney in FT Weekend van 6-7 juli jl. terug op die gebeurtenis. De aanleiding: John Lennons voormalige huis, destijds gekocht voor 20.000 pond, staat sinds 2012 te koop. Hoewel het toen werd geschat op 13,75 miljoen pond, bedraagt de vraagprijs nu bijna 9 miljoen pond. 

Componeren in Kenwood

Terug naar John Lennon. Als hij zich in 1964 de trotse eigenaar van ‘Kenwood’ mag noemen, zijn de Beatles buitengewoon populair. In dit huis componeert hij samen met Paul McCartney sommige van de nu bekendste liedjes in de geschiedenis van de popmuziek. Vier jaar later zal hij het huis verkopen voor 40.000 pond.

Stargrove. Foto: Pam Brophy / Stargrove / CC BY-SA 2.0

Magere jaren voor de aristocratie

Na John Lennon volgen mede-bandleden George Harrison en Ringo Star. Ook zij trekken naar het platteland. En naarmate de popsterren hun bankrekening zien stijgen, worden de huizen die ze kopen groter. Zo tekent Keith Richard in 1966 het koopcontract voor ‘Redlands’. En in 1970 is collega Mick Jagger de bezitter van ‘Stargrove‘. Want worden de muzikanten in die jaren juist welvarender, de echte aristocratie ziet zich nog altijd geconfronteerd met de naoorlogse magere jaren, aldus Ludovic Hunter-Tilney.

Nog meer voorbeelden

In haar artikel in FT Weekend geeft Ludovic Hunter-Tilney nog meer voorbeelden. Zo koopt John Entwistle, bassist van The Who, in 1976 het 52 kamers tellende ‘Quarwood‘.

Nieuwe groep eigenaars treedt aan

In de jaren tachtig is er van de hoogtijdagen van popsterren als ‘lord of the manor’ weinig meer over, citeert Hunter-Tilney makelaar Perry Press. De reden: de alsmaar stijgende prijzen, schaarste en een groeiend gevecht om de vrijgekomen huizen. Plus: een nieuwe groep welvarende kopers komt op. Denk aan bankiers en anderen die in de Londense financiële sector werken. Als gevolg van de dalende pond is er de laatste tijd ook meer belangstelling vanuit het buitenland.

Madonna. Foto: chrisweger, CC BY-SA 2.0

Madonna als lady of the house

En de huidige generatie Britse popsterren? Die hebben een ‘minder extravagante persoonlijkheid’ dan hun voorgangers, schrijft Ludovic Hunter-Tilney.

Een laatste sprankje daarvan liet Madonna zien. In 2005 presenteerde Vogue haar als eigenaar van ‘Ashcombe House‘ (in 2001 gekocht). Ze ging gekleed ging in klassieke outfits, een lady of the house waardig. Voor de lezer leek het alsof ze in een toneelstuk figureerde.

© Monsieur Plusfours 2019; bron: FT Weekend

MELD JE AAN VOOR DE GRATIS NIEUWSBRIEF!

 

Reageer

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn aangegeven met een '*'